De historische totstandkoming

Lange tijd is er vrij weinig discussie geweest over de historische totstandkoming van de Koran, de hadiith en de biografie van Mohammed van Ibn Ishaq. Recent is daar echter meer aandacht voor gekomen, en wordt meer en meer duidelijk dat er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de Koran.

Historisch onderzoek naar de Koran en andere islamitische geschriften is heel omvangrijk, en we zullen hier dan ook ingaan op de hoofdzaken. Echter alleen dit is al genoeg om een duidelijk beeld te krijgen van welke problemen en vraagstukken dit historisch onderzoek naar boven gebracht heeft.

De totstandkoming van de Koran volgens de islam

Wanneer we uitgaan van de islamitische bronnen, blijkt er meer dan één traditie te zijn t.a.v. van het ontstaan van de Koran. Ze hebben echter wel met elkaar gemeen dat de Koran niet ten tijde van Mohammed werd samengesteld, maar pas na zijn dood. Mohammed schreef immers zelf niet op, maar liet zijn volgelingen zijn vermeende openbaringen opschrijven of onthouden.

De algemeen geaccepteerde traditie onder moslims vinden we in de hadiith (Sahieh al-Buchari 6:61:509-510). Hier lezen we dat de Koran in zijn definitieve vorm werd samengesteld onder de derde kalief ‘Uthmaan (644-656). Er brak namelijk onenigheid uit onder de moslims in die tijd over wat nu de juiste tekst van de Koran was. Er waren verschillende versies in omloop, en ‘Uthmaan wilde een einde aan de verwarring maken.

Hij stelde daarom Zayd Ibn Thabit aan om een officiële versie samen te stellen. Hij deed dit door zijn eigen versie te vergelijken met de versie die Hafsa, de dochter van de tweede kalief ‘Umar, in bezit had. Zij had namelijk de versie van de Koran die onder de eerste kalief Ubu Bakr was samengesteld. Waar er vervolgens nog twijfel was, baseerde Zayd zich op het dialect van de Quraish, de stam van Mohammed.

Nadat de officiële versie klaar was, werden alle andere versies van de Koran vernietigd. Volgens de islam is er sindsdien geen enkele wijziging meer geweest, en is de Koran die we vandaag hebben exact hetzelfde als die uit de tijd van ‘Uthmaan.

Problemen met de islamitische traditie

Vanuit islamitisch oogpunt klinkt de traditie misschien aannemelijk, omdat moslims geloven dat de Koran eeuwig en onveranderd is. Een nadere beschouwing maakt echter duidelijk dat er meerdere problemen zijn:

  • De Koran is niet geschreven in een Arabisch dialect uit de omgeving van Mekka. Het Arabisch van de Koran is niet geschreven in een specifiek dialect uit Arabië (Ibn Warraq, the origins of the Koran, 1998), dus ook niet in het dialect van de Quraish uit Mekka zoals de islamitische traditie vermeldt.
    Het dialect waarin de Koran geschreven is, is afkomstig uit het zuiden van de Levant, ofwel het gebied waar zich tegenwoordig Jordanië bevindt (Mark Durie, On the Origin of Qur’anic Arabic, 2018). Dit blijkt onder andere uit het gebruik van de ‘ta marbuta’ (ة),de alif ‘maksura’ (ى) en het lidwoord ‘al’ (ال).
    Deze drie elementen komen alleen voor in de zuidelijke Levant, waar de nabateeërs voorheen een vorm van Aramees spraken, en niet in Arabië. Deze elementen zijn later vanuit het Aramees in het Arabisch van die regio terechtgekomen. Het blijkt dus dat het Arabisch waarin de Koran is geschreven, het Arabisch is van de zuidelijke Levant. Dit weerspreekt de islamitische traditie dat de Koran in de regio rond Mekka ontstaan is.
  • Er is geen bewijs dat de Koran van ‘Uthmaan onveranderd is bewaard tot nu toe.
    Er bestaan 6 manuscripten die beschouwd worden als de oudste die nog bestaan, namelijk die van Cairo, Samarkand, Parijs, Istanbul, Londen en Sana’a. Ishanoglu en Altikulac deden hiernaar voor 5 jaar onderzoek en publiceerden in 2009 hun resultaten.
    Zij vonden dat van deze 6 manuscripten er geen uit de tijd van ‘Uthmaan is. Het oudste manuscript is die van Parijs en is van begin 8e eeuw. Bovendien zijn al deze manuscripten incompleet en verschillen ze op duizenden punten van de Koran van vandaag. Ook zijn er veelal correcties aangebracht, en hadden sommige manuscripten een onderlaag met een oudere tekst. Overigens is er tot en met de 10e eeuw zelfs geen enkele complete Koran gevonden.
    Daarmee is er dus geen enkel vergelijkingsmateriaal, en kunnen moslims in het beste geval beweren dat er geen Koran uit ‘Uthmaans tijd meer is. Maar daarmee is er dus geen enkel bewijs dat de huidige Koran hetzelfde is als die van ‘Uthmaan.
  • Er zijn aanwijzingen dat de Koran vanaf het begin al veranderd is. In de hadiith (Sunan Ibn Majah 3:9:1944) vertelt Aisha dat ‘het Koranvers over steniging en borstvoeding onder haar kussen lag.’ Echter toen Mohammed stierf en men daarmee bezig was ‘kwam er een schaap en at het vers op.’ In de Koran van vandaag is er geen vers te vinden over borstvoeding, echter volgens Aisha is die er wel geweest.
    De bekende commentator Al-Suyuti (overleden in 1505) vermeldt dat er verzen van de Koran verloren zijn gegaan. Zo citeert hij ‘Umar bin al-Khattaab die gezegd zou hebben dat ‘veel van de Koran verloren is gegaan’ (As-Suyuti, Itqan, deel 3, p. 72). Ook verwijst hij naar Ibn Ka’b, die op een gegeven moment aan een van de moslims vraagt hoeveel verzen soera al-ahzaab bevat. Het antwoord is 73, hoewel er volgens Ibn Ka’b oorspronkelijk ongeveer 286 verzen waren.
    Dit duidt erop dat de al voor de definitieve samenstelling van de Koran verzen verloren zijn gegaan, en er dus geen sprake van kan zijn dat de Koran vanaf het begin volkomen behouden is gebleven.
  • Vanaf de eerste eeuwen van de islam waren er al verschillende lezingen/versies van de Koran. Vanaf het jaar 736, ongeveer 100 jaar na de dood van Mohammed in 632, verschijnen er verschillende Korans. Deze zijn van onder andere Ibn Kathir, Nafi, en Al-Kisai. Dit zijn allemaal verschillende lezingen van de Koran. Het geval was namelijk dat het Arabisch schrift toentertijd beperkt was, wat de volgende problemen opleverde:

    1) Het Arabisch werd zonder punten geschreven. Dit kan er toe leiden dat je soms meerdere letters hebt die niet van elkaar te onderscheiden zijn! Bijvoorbeeld de volgende letters zijn zonder punten exact hetzelfde: ح (h), خ (g), ج (dj).
    2) Het Arabisch werd zonder tekens voor korte klinkers geschreven. Het gaat daarbij om de fatha (a), de damma (oe), en de kasra (i). Ook tekens voor dubbele medeklinkers (shadda) en een stop aan het eind van een letter (sukun) waren er nog niet.

    Het is goed voor te stellen dat dit tot een enorme variatie in mogelijke uitspraken voor een woord leidt!
    In de 10e eeuw probeerde Ibn Mujahid dit probleem aan te pakken door 7 lezingen te kiezen. Echter elk van deze werden weer doorgegeven door twee personen. Elk van hen had een eigen lezing, dus waren er uiteindelijk toch weer 14 versies.
    Dit loste het probleem ook niet op, en het aantal versies liep uiteindelijk in de honderden. Ibn Al-Jazari (1350-1429) maakte zijn eigen selectie en bracht het aantal weer terug tot 30. Deze 30 versies bestonden uit 10 officiële versies, waarvan voor elke versie twee studenten met een eigen lezing kwamen. Tussen deze versies bestaan minstens 93.000 verschillen in letters, woorden, en de manier van lezen, volgens onderzoek van Jay Smith (zie Pfander Films) in 2020.
  • Vandaag de dag bestaan er meer dan 30 verschillende Korans. Het probleem van de verschillende lezingen van de Koran is nooit opgelost. Vandaag de dag zijn er nog steeds meer dan 30 verschillende Korans! Wel werd in 1924 de lezing van Hafs door de gezaghebbende universiteit van Cairo gecanoniseerd, dus aangewezen als de enige officiële versie van de Koran. De Hafs is nu de meest gebruikte versie en wordt door ongeveer 95% van alle moslims gebruikt. Echter andere versies zijn daarmee niet verdwenen en dus nog steeds in omloop.
    De Warsh (3%) is de tweede meest gebruikte versie en wordt vooral in Noord-Afrika gebruikt. Echter tussen de Hafs en de Warsh bestaan al meer dan 5000 verschillen!
    Een voorbeeld hiervan is soera 3:146: in de Hafs staat قَتَلَ (qatala, ‘doodden’) en in de Warsh staat قُتِلَ (qutila, ‘werden gedood’). Doodden de profeten in dit vers of werden ze gedood? Beide versies spreken elkaar tegen.
    Daarmee is duidelijk dat we niet kunnen spreken van één Koran, maar van meerdere. Bovendien bevatten deze verschillende versies onderling duizenden verschillen.

Deze kritiekpunten laten zien dat het onwaarschijnlijk is dat de islamitische traditie t.a.v. het ontstaan van de Koran en het behoud van de tekst betrouwbaar is.  Ibn Warraq (The origins of the Koran, 1998) uit dan ook zijn verbazing over het feit dat sommige historici enerzijds de problemen van de islamitische traditie wel erkennen, echter anderzijds deze zelfde traditie toch voor waar aannemen. Gelukkig komen met name dankzij nieuwe publicaties over de Koran steeds meer mensen tot inzicht over de ware achtergrond van de Koran.

De hadieth en de biografie van Mohammed

Naast de Koran zijn ook de hadieth en de biografie van Mohammed (geschreven door Ibn Ishaq) gezaghebbende geschriften in de islam. Qua betrouwbaarheid zijn deze echter niet veel beter.

Als we kijken naar de hadieth, zien we dat er meerdere collecties zijn die samen tienduizenden verschillende tradities hebben. Deze tradities zijn ofwel uitspraken van Mohammed ofwel kortere of langere verhalen over wat Mohammed en zijn metgezellen gedaan hebben.

Van al deze collecties worden er zes betrouwbaar geacht, waarvan twee in het bijzonder, namelijk Sahieh al-Buchari en Sahieh Muslim. Van deze laatste twee collecties wordt elke traditie zonder meer als authentiek beschouwd, terwijl bij de overige vier ook een lagere graad van betrouwbaarheid kunnen hebben.

Het probleem is dat voor het jaar 830 er geen hadieth beschikbaar is. Dat betekent dat alle tradities die we hebben minimaal 200 jaar na het overlijden van Mohammed zijn opgeschreven. Echter omdat tradities in die tijd mondeling werden doorgegeven, is het erg waarschijnlijk dat in de loop van 200 jaar er veranderingen in zijn gekomen.

Daarnaast is er het probleem van de aantallen. Volgens de overleveringen zou Muhammed al-Buchari een selectie hebben gemaakt uit 600.000 tradities (J.A.C. Brown, Hadith: Muhammad’s Legacy in the Medieval and Modern World, p. 32), en dit teruggebracht hebben tot ruim 7563, door te selecteren op basis van de keten van overleveraars (de isnad). Dit is wat we nu hebben in Sahieh al-Buchari. Op een zelfde manier zijn de andere collecties tot stand gebracht. Het is echter twijfelachtig of een persoon met de middelen van die tijd zoveel verhalen en uitspraken op betrouwbaarheid kan controleren.

De biografie van Mohammed is niet veel betrouwbaarder. De originele versie van Ibn Ishaq werd door Ibn Hisham gekopieerd. Echter geeft Ibn Hisham in zijn kopie aan dat hij ‘beschamende details’ heeft weggelaten. De versie die wij dus tegenwoordig hebben is incompleet! Bovendien stierf Ibn Hisham in 833 of 834, dus ongeveer 200 jaar na Mohammed. Dit betekent dat zijn biografie, net als de hadieth, pas heel laat is verschenen.

Al met al zijn de hadieth en de biografie van Mohammed dus niet veel betrouwbaarder dan de Koran. Desalniettemin gelden deze geschriften onverminderd als gezaghebbend in de islam.

%d bloggers liken dit: